Holika Dahan

Dit is de avond voor Holi, de laatste dag van de maand Phalguna oftewel de laatste dag van de hindoekalender. Op deze dag verbrandt men de tevoren geplante Holika, welke het kwade symboliseert. Het feest herinnert aan Holika, zuster van de hardvochtige koning Harnaakoes. Koning Harnaakoes liet zich als god vereren. Zijn zoon Prahlaad weigerde daaraan mee te doen, hij vertikte het een mens te aanbidden. De koning beschouwde dit als ondermijning van zijn gezag en besloot zijn zoon te doden. Hij liet hem met stenen verzwaard in zee gooien, maar Prahlaad bleef wonderwel drijven. Het lukte ook niet om hem met wapens te doden. En nadat hij levend was begraven, bleek hij na enige weken nog springlevend te zijn. Daarna nam de zuster van Harnaakoes, Holika, met de prins plaats op een brandstapel, in de mening dat vuur geen vat op haar had. Nadat het vuur de hele nacht had gebrand, bleek de vrome Prahlaad gespaard te zijn en Holika verbrand. Tijdens de Holika-ceremonie loopt iedereen rond het vuur onder het roepen van verwensingen aan het kwaad. Ook werpt men rijstkorrels, aarde en stenen in het vuur om alle slechte gedachten en gewoonten te verbranden.

Regaib Kandili (Nacht van de Wonderen)

Regaib Kandili (Nacht van de Wonderen) vindt plaats op de eerste nacht van donderdag op vrijdag van de 7e maand Radjab. De Turken herdenken de ontvangenis van de profeet Mohammed. Ze vasten en staan er in de moskee uitvoerig bij stil dat de moeder van Mohammed in deze nacht zwanger werd van de Grote Profeet.

Aswoensdag

Aswoensdag, de eerste dag na Carnaval, is de eerste dag van de veertig dagen durende vastentijd die loopt tot Pasen (zondagen niet meegerekend). Aswoensdag is een dag van boetedoening, waarop de gelovigen een kruisje van as op het voorhoofd krijgen getekend. Zo tonen zij berouw voor hun begane zonden. Aswoensdag is een katholieke kerkgebeurtenis. Om de ernst van het niet zomaar alles te kunnen eten en drinken te onderstrepen is er op Aswoensdag een kerkdienst in de katholieke kerk waarbij iedere kerkganger naar voren moet komen en voor het altaar staand van de priester een kruisje van as (verkoolde blaadjes) op het voorhoofd krijgt, met de woorden:”Gij zijt gekomen uit as en tot as zult ge wederkeren”. As is een teken van menselijke gebrekkigheid en sterfelijkheid. As is ook een teken van nieuw leven. In vroegere tijden werd met as gewassen: as heeft een reinigende kracht. Ook het afbranden van de stoppels op akkers maakt de grond vruchtbaar. As werd op het hoofd van zondaars gestrooid; as reinigt en geeft kracht tot nieuw leven. De as voor het askruisje is afkomstig van de verbrande en gezegende palmtakjes van de paasperiode van het voorgaande jaar. Als symbool betekent het dat de takjes van jubel en vreugde verbrand moeten worden – door de dood heengaan – om tot teken te worden van het kruis, de dood en de verrijzenis.

Vastenavond

Vastenavond (ook gekend als ‘Vette dinsdag’) is de dinsdag voor Aswoensdag en traditioneel het einde van de carnavalsperiode.

Tot dinsdagnacht 24.00 uur mag nog Carnaval worden gevierd en is het toegelaten zich als vastenavondgek te verkleden. In de katholieke traditie is klokslag middernacht Carnaval voorbij en begint de veertigdaagse vastentijd tot het paasfeest.

Maha Shivaratri/Grote nacht van Shiva

Op de veertiende avond van de maand Phalguna (februari/maart) wordt het Maha Shivaratri gevierd, een festiviteit ter ere van de god Shiva. De gelovigen vasten op deze dag en houden een nachtwake in een tempel bij het beeld van Shiva. De maan, het symbool van de geest, wordt elke maand in de 14de nacht van de donkere helft van de maan sterk minder in kracht. Wanneer men deze nacht wijdt aan vurige aanbidding van God, dan geeft men daarmee uiting aan het vurige verlangen om de geest te overwinnen. Shivaratri in de tijd van de lente-evening is heiliger dan van die van de andere maanden en wordt daarom Maha Shivaratri (grote nacht van Shiva) genoemd.

Carnaval

Een uitbundig, drie dagen durend volksfeest (3, 4 en 5 maart 2019). In Nederland oorspronkelijk alleen voorkomend in het katholieke zuiden, maar tegenwoordig ook gevierd in andere delen van het land door katholieken en niet-katholieken. Tijdens de carnavalsdagen zijn er feesten waarop gehost en gedronken wordt en er zijn optochten, waarin soms de draak wordt gestoken met bekende personen en gezagsdragers. De voorbereiding van carnaval begint op elf november, door carnavalsvierders de elfde van de elfde genoemd. Op deze ‘gekkendag’ kiest de ‘Raad van Elf’ de Prins Carnaval van dat jaar. Het tijdstip van de viering van carnaval is afhankelijk van de wisselende datum waarop Pasen jaarlijks wordt gevierd. De zevende zondag voorafgaande aan Paaszondag is carnavalszondag. Op carnavalszaterdag of -zondag nemen de vele Prinsen Carnaval voor drie dagen op rituele wijze de macht van de burgerlijke autoriteiten over in dorpen en steden (de machtsoverdracht of sleuteloverdracht) en vieren met hun onderdanen, de carnavalsvierders, de tijdelijke vestiging van hun narrenrijk. Carnavalsvierders verkleden zich in een door hun gewenste uitdossing en nemen in een driedaagse carnavalsroes bezit van de straat en de cafés. Ook zoeken ze elkaar op in feestzalen. De feestlocaties zijn versierd met maskers en serpentines en de feestmuziek bestaat uit carnavalsrepertoire. Op één van de drie carnavalsdagen trekt de optocht door de straten, de zegetocht van Prins Carnaval. Op carnavalsdinsdag rond middernacht wordt in veel plaatsen in een collectief afsluitingsritueel afscheid genomen van het narrenrijk en zijn Prins. Carnavalsmascottes en symbolen worden dan verbrand, begraven of verdronken. Op Aswoensdag wordt het dagelijkse leven weer opgepakt.

Wereldgebedsdag

Iedere eerste vrijdag van maart gaat het gebed de wereld rond. Wereldgebedsdag wordt georganiseerd door christenvrouwen, die door gebed en actie invloed willen uitoefenen op mensen en hun omgeving. Door Wereldgebedsdag krijgt het christelijk geloof een internationale, oecumenische dimensie. Het verenigt vrouwen over de gehele wereld. Door de Wereldgebedsdag bevestigen vrouwen, dat gebed en actie onafscheidelijk zijn en dat beide invloed hebben in de wereld.

Valentijnsdag

Op Valentijnsdag kan men een bloemengroet of een kaartje sturen aan mensen die men dankbaar is of op wie men bijzonder gesteld of zelfs verliefd is. Vooral de bloemenhandel en de laatste jaren ook de posterijen spannen zich in om deze gedachte ook in Nederland tot leven te roepen. In Engeland en de Verenigde Staten kent Valentijnsdag een traditie van enkele eeuwen. In Nederland en verschillende andere Europese landen is Valentijnsdag pas bekend sinds de jaren 50 van de twintigste eeuw of nog later.

De datum 14 februari gold als de dag waarop in de derde eeuw twee heiligen met dezelfde naam Valentinus om hun geloof gedood waren en daarom op deze dag vereerd werden. De één was priester in Rome, de ander bisschop van Terni. Niet uitgesloten is dat het toch één en dezelfde heilige betreft. In hun levensloop – voor zover bekend – valt geen enkel aanknopingspunt te vinden met de moderne gebruiken van Valentijnsdag. Tot aan de hervorming van de heiligenkalender van de Rooms-Katholieke kerk in 1969 kon op 14 februari Sint-Valentijn vereerd worden. Daarna is Valentijn als heilige van de kalender afgevoerd. Om in de achteraf geconstateerde leemte te voorzien, is rond het midden van de twintigste eeuw (waarschijnlijk vanuit de bloemenbranche) de “oude legende van broeder Valentijn” bedacht. Deze verschijnt nog regelmatig in allerlei variaties in krantenberichten. Zo zou Valentijn in de middeleeuwen monnik zijn geweest van een Italiaans klooster. Stelletjes die hem bezochten, schonk hij geluksbloemen die hij zelf kweekte in zijn kloostertuin.

 

1 2 3 7