Maria Onbevlekte Ontvangenis

De Onbevlekte Ontvangenis van Maria is een dogma van de rooms-katholieke kerk dat op 8 december met een hoogfeest gevierd wordt. Het dogma bevestigt de bijzondere status van Maria door vast te stellen dat zij ter wereld kwam zonder door de erfzonde te zijn belast. Zij ontving, met andere woorden, een onbevlekte ziel. Op haar ziel werd door God reeds tevoren de zuiverende werking van de toekomstige verlossing door haar zoon Jezus Christus toegepast.

Omdat het dogma niet expliciet vermeld wordt in de Bijbel, wordt het door de protestantse kerken afgewezen. Katholieken wijzen daarop dat er wel degelijk in de Bijbel een passage staat, waarin God zegt dat “niets dat onrein is de Tempel zal binnen gaan”. Het menselijk lichaam wordt in de Bijbel vaak genoemd als tempel van de Heilige Geest. Volgens deze zienswijze kan ook de Heilige Geest nergens komen of binnentreden waar onzuiverheid heerst. Aangezien Jezus Christus waarlijk God en waarlijk mens was, kon ook Hij pas incarneren als de plek van incarnatie ook zuiver was.

Het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis wordt vaak verward met een ander dogma; dat van Jezus’ geboorte uit een maagd.

Verlichting van Boeddha

Een jaarlijks terugkerend feest van de Mahayana-boeddhisten. Het is de herdenking dat de Boeddha onder een vijgenboom (een zogenaamde Ficus religiosa) het ware inzicht, de verlichting, kreeg. Een dergelijke boom wordt door de boeddhisten bodhi-boom, boom van de verlichting, genoemd. Bodhi-dag wordt niet zo algemeen gevierd zoals Hanamatsuri of Wesak, feesten die allebei de geboorte van de Boeddha vieren. Toch vinden binnen de vele tradities van Mahayana-stromingen vieringen plaats. De diensten op deze dag verschillen per stroming maar centraal staat het herdenken van het bereiken van nirwana door de Boeddha en wat dat betekend heeft voor het boeddhisme. Boeddhisten herdenken deze dag door extra meditatie, studie van de Dhamma, het zingen van boeddhistische teksten of het doen van vriendelijke handelingen naar andere wezens. De boeddhisten die de Chinese kalender volgen, herdenken de verlichting van Boeddha een maand later (op de achtste dag van de twaalfde Chinese maanmaand).

Tweede zondag van de Advent

De Advent is de tijd van voorbereiding op het kerstfeest; de tijd waarin de komst en wederkomst van Jezus Christus wordt verwacht. Omdat het Latijnse woord voor ‘komst’ of ‘het komen’ ‘adventus’ is, worden de vier weken vóór Kerstmis ‘Advent’ genoemd.

De Advent omvat ongeveer vier weken. De Advent begint op de zondag vier weken voor Kerstmis, dus de zondag tussen 26 november en 4 december. De zondagen van deze tijd heten 1e, 2e, 3e en 4e zondag van de Advent. De Advent telt altijd vier zondagen, terwijl het totaal aantal weekdagen kan variëren van 22 tot 27.

Gita Jayanti

De dag van de Bhagavad Gita, het “Lied van de Heer”. De Bhagavad Gita is een onderdeel van het grote Mahabharata-epos. Het vertelt hoe de god Krishna de krijger Ardjuna bijstaat en hem inzicht geeft in leven dood, de band tussen mens en god en het onderscheid tussen goed en kwaad. De Bhagavad Gita geeft in essentie, in een bijna verhalende vorm, de kennis en wijsheid weer, die in de boeken van de Veda’s en de Upanishads zijn opgeschreven.

Sinterklaas

Op 5 december is het in Nederland Sinterklaasavond (Pakjesavond). Zo’n 65% van de bevolking viert dan de ‘verjaardag’ van Sinterklaas en men geeft elkaar uit naam van de goedheiligman cadeautjes. Ten onrechte denkt men vaak dat dit een eeuwenoude traditie is. Het feest van Sint Nicolaas bestaat weliswaar al meer dan 700 jaar, maar veel elementen van de huidige Sinterklaasviering hebben pas vanaf omstreeks 1850 vorm gekregen.
Zo is de nu algemene Sinterklaasavond of Pakjesavond in huiselijke kring op 5 december van betrekkelijk recente datum.

Volgens de heilige kalender van de katholieke kerk is 6 december de gedenkdag van de heilige Nicolaas en nog tot na de Tweede Wereldoorlog vonden kinderen op de morgen van 6 december de geschenken die Sinterklaas hen had gebracht. Zoals bij zoveel feesten, werd echter ook de vooravond van de eigenlijke feestdag bij de viering betrokken: Sinterklaasavond. Dan hadden volwassenen een gezellig samenzijn. In gegoede kringen, en vooral in de steden, gaven volwassenen elkaar op die avond al in de negentiende eeuw geschenken. Dit gebruik verspreidde zich pas gedurende de eerste helft van de twintigste eeuw over het hele land en naar andere sociale lagen van de bevolking. Kinderen werden steeds meer betrokken bij deze pakjes- of surpriseavond.

Tegenwoordig geldt 5 december algemeen als de ‘verjaardag’ van Sinterklaas. Vaak worden er aan elkaar ‘surprises’ gegeven en worden er lootjes getrokken, waarbij het de bedoeling is om anoniem de draak te steken met de persoon die het pakje in ontvangst neemt. Dit gaat meestal in de vorm van gedichten. Ook wordt het iemand moeilijk gemaakt om het geschenk te bemachtigen: eerst moet de ontvanger raadsels oplossen, lagen plakband verwijderen, sinterklaasliederen zingen, honden- of paardendrollen trotseren en andere kwellende opgaven volbrengen, voordat een vaak pietluttig geschenk kan worden onthuld.

Sint-Nicolaas leefde in de vierde eeuw en was bisschop in het Zuid-Turkse stadje Myra. Zijn sterfdag (dus niet zijn geboortedag) was 6 december. De eerstgenoemde Sint-Nicolaas was een ongekend populaire heilige en over hem deden verschillende legenden de ronde. In 1087 werd zijn gebeente door zeelieden naar Zuid-Italië vervoerd en van daaruit brachten de Noormannen de verering van Sint-Nicolaas over naar de streken aan de Noordzeekust. Sint Nicolaas werd toen vooral bekend als beschermheilige van zeelieden en vissers, kinderen en scholieren, jongeren die een partner zochten en van gevangenen. Vanaf die tijd zijn veel kerken aan hem gewijd. Nadat het Sinterklaasfeest uit de kerk verbannen was, bleef het gebruik bestaan dat zowel de geestelijke als de wereldlijke overheid aan arme kinderen geschenken gaven, zoals kleren, nieuwe schoenen met geld erin en lekkernijen.

Er is in Nederland veel gespeculeerd over de herkomst van Sinterklaas. Volgens veel onderzoekers zijn het echter vooral de christelijke achtergronden waaruit de huidige sinterklaasviering voortkomt.

In de tweede helft van de 20ste eeuw kwam de discussie op gang of de knecht van Sinterklaas, Zwarte Piet, een racistische bijklank zou hebben. Zowel de huidskleur als de ‘sociale positie’ van Zwarte Piet vormden hiervoor de aanleiding. Twee jaar geleden waren er, op de dag van de intocht van Sinterklaas, enkele honderden demonstranten aanwezig bij het protest tegen Zwarte Piet. Op Curacao kwam Sinterklaas aan met Zwarte Pieten en Gekleurde Pieten. Ook verleden jaar en dit jaar is de discussie rondom Zwarte Piet nog zeer actueel.

Eerste zondag van de Advent

De Advent is de tijd van voorbereiding op het kerstfeest; de tijd waarin de komst en wederkomst van Jezus Christus wordt verwacht. Omdat het Latijnse woord voor ‘komst’ of ‘het komen’ ‘adventus’ is, worden de vier weken vóór Kerstmis ‘Advent’ genoemd.

De Advent omvat ongeveer vier weken. De Advent begint op de zondag vier weken voor Kerstmis, dus de zondag tussen 26 november en 4 december. De zondagen van deze tijd heten 1e, 2e, 3e en 4e zondag van de Advent. De Advent telt altijd vier zondagen, terwijl het totaal aantal weekdagen kan variëren van 22 tot 27.

Christus Koning van het Heelal

Het feest van Christus Koning van het Heelal (“Dominus Noster Iesus Christus Universorum Rex” in het Latijn) is een hoogfeest binnen de Rooms-katholieke Kerk dat eind november gevierd wordt, op de 34e en laatste zondag van het liturgisch jaar. Het feest werd in 1925 ingesteld door paus Pius XI naar aanleiding van de 1600-jarige viering van het Concilie van Nicaea.

Overigens is de datum eenvoudig te bepalen: het hoogfeest van Christus Koning valt altijd op de zondag in de periode van 20 tot en met 26 november. Deze zondag wordt gevolgd door de eerste zondag van de advent, het begin van het nieuwe kerkelijke jaar.

Sint Maarten

Op deze dag wordt in Nederland de naamdag van Sint Maarten gevierd. Kinderen lopen met lampionnen over straat en gaan in kleine groepjes de huizen langs om snoep of fruit te bemachtigen.

De viering van Sint-Maarten heeft een duidelijke christelijke achtergrond. Het is de naamdag van de heilige Sint Martinus. Sint Martinus was beschermheilige van reizigers en rondtrekkende kooplui; van armen, bedelaars en bekeerde dronkaards; van herders, boeren, wijnbouwers, kinderen en van het vee. Op zijn naamdag kregen de kinderen vrij van school en was het gebruikelijk om hen te trakteren, bijvoorbeeld door met lekkernijen te strooien. De Reformatie maakte een eind aan de verering van veel katholieke heiligen, maar Sint-Maarten bleef ook in protestantse gebieden in ere. Het toeval wilde dat Maarten Luther op 11 november werd gedoopt. Ook de naam kwam overeen en dat was reden genoeg om het populaire feest te blijven vieren. Maarten Luther was overigens een dag eerder geboren in Duitsland; daar viert men Sint-Maarten dan ook op 10 november. Net als bij de Nederlands Sint-Maartenviering lopen kleine kinderen dan met lichtjes. Een verschil is echter dat grotere kinderen verkleed en gemaskerd rondtrekken, waarbij ze veel lawaai maken. Dit doet enigszins denken aan de viering van Halloween. De Sint-Maartenviering heeft tegenwoordig over het algemeen geen religieuze betekenis meer. Wel is het een goede aanleiding voor katholieke scholen om rond 11 november aandacht te besteden aan de eens zo populaire heilige Sint-Martinus.

Mawlid an-Nabi (Geboortedag Mohammed)

Mawlid an-Nabi (Geboortedag Mohammed) begint officieel de voorgaande avond bij zonsondergang. Op deze dag vieren moslims de geboortedag van de profeet Mohammed: Mevlid Kandili (Turks), Moeloed an-nabi (Marokkaans) of Milaad en-nabi (Surinaamse en Molukse moslims).

Mohammed werd geboren in ± 570 van onze jaarrekening. Die gebeurtenis wordt door alle moslims uitbundig gevierd. Er wordt speciaal (zoet) eten bereid en gezongen. Dit gebruik hangt nauw samen met het spreekwoordelijke Arabische ‘zoet eten en zoet denken’. Het consumeren van zoetigheid staat voor moslims symbool voor de positieve manier van denken over de profeet. Veel gelovigen gaan ’s avonds naar de moskee. Daar wordt dan gesproken over de profeet, over het islamitische geloof en er wordt uit de Koran gelezen.

Turken noemen deze dag waarop Mohammed werd geboren Mevlid Kandili. Mevlid betekent ‘geboorte’, Kandili ‘kandelaar’. Dit laatste woord verwijst naar het Turkse gebruik om op bijzondere feestdagen ’s avonds in de moskee alle lichten aan te steken. Turken eten op ‘de Verlichte Nacht van de Geboorte’ vaak een kom griesmeel met boter en honing. Dit was volgens de overlevering het lievelingsgerecht van Mohammed.

Dankdag voor Gewas en Arbeid

Op deze dag (iedere eerste woensdag van november) dankt de protestante kerkgemeenschap, tijdens een viering, God voor de verkregen gewassen.

Een dankdag is een gebruik uit de Middeleeuwen; er waren toen vaste bededagen. In 1578 werd bepaald dat er tijdens oorlog en andere rampen massaal gebeden en gedankt moest worden.

1 2 3 15