Halloween (Allerheiligenavond)

Halloween (ook genoemd All Hallows’ eve(ning)) is de Engelse naam voor Allerheiligenavond. Het feest wordt gevierd op 31 oktober, de avond voor Halloween. In de Keltische kalender begon het jaar op 1 november, dus 31 oktober was oudejaarsavond. Dit was een heidens feest, de katholieke kerk maakte er later Allerheiligen(avond) van. Het christelijke feest van Allerheiligen, de dag waarop alle heiligen van de rooms-katholieke kerk gezamenlijk worden herdacht, werd in de negende eeuw door paus Gregorius IV vastgesteld op 1 november. Allerheiligen en Allerzielen (2 november) zijn de dagen waarop in de rooms-katholieke kerk wordt stilgestaan bij de thema’s sterfelijkheid, dood en laatste oordeel. De voorbereidingen voor beide feesten vinden vaak plaats op allerheiligenavond, die van Allerzielen ook wel op allerheiligendag. Ze bestaan vooral uit het bezoek aan kerkhoven en het branden van kaarsen.

Door de protestantse kerken werden deze feesten in de zestiende eeuw afgeschaft, omdat ze in strijd waren met de reformatorische leer. In Engeland leefde Halloween sindsdien als een wereldlijk feest voort en het heeft zich van daaruit verder verspreid. Het feest is in de negentiende eeuw door Ierse immigranten naar de Verenigde Staten gebracht. Op 31 oktober verkleden kinderen zich en bellen als het donker wordt aan bij huizen in de buurt die versierd zijn met pompoenen en lichtjes, en roepen “trick or treat” (de keuze gevend tussen een plagerijtje uithalen of een versnapering krijgen). De bewoners geven de kinderen dan snoepjes. Jonge volwassenen gaan soms naar Halloweenfeesten.

Reformatiedag

Hervormingsdag is een herdenkingsdag op 31 oktober in verschillende protestantse kerken. Deze dag staat in het teken van Maarten Luther die op 31 oktober 1517 zijn 95 proteststellingen t.a.v. de katholieke kerk op de deur van de Slotkapel te Wittenberg gespijkerd zou hebben.

Uiteindelijk leidde het protest van Luther tot een breuk met de Rooms-Katholieke Kerk. In de 16e eeuw zijn toen de protestantse kerken ontstaan.

Op de hervormingsdag wordt veelal aandacht gegeven aan de centrale thema’s in de prediking en de reformatie van Luther. Luther wilde de kerk uiteindelijk weer terug berengen bij de Bijbel, Christus, de genade en het geloof. In de Rooms-Katholieke Kerk van zijn dagen waren deze zaken volkomen op de achtergrond geraakt. De paus beheerste volledig de kerk. De kerk was in zijn dagen soms meer instrument voor machtspolitiek, dan middel tot verbreiding van het Evangelie van de persoon van Jezus Christus.

Op Hervormingsdag wordt in de protestantse kerken veelal gepreekt uit de brieven van Paulus, in het bijzonder de brief van Paulus aan de gemeente van Rome (de Romeinenbrief) waarin de rechtvaardiging van de goddeloze centraal staat. De rechtvaardiging van de goddeloze vormt het hart van de reformatorische theologie.

Mawlid an-Nabi (Geboortedag Mohammed)

Mawlid an-Nabi (Geboortedag Mohammed) begint officieel de voorgaande avond bij zonsondergang. Op deze dag vieren moslims de geboortedag van de profeet Mohammed: Mevlid Kandili (Turks), Moeloed an-nabi (Marokkaans) of Milaad en-nabi (Surinaamse en Molukse moslims).

Mohammed werd geboren in ± 570 van onze jaarrekening. Die gebeurtenis wordt door alle moslims uitbundig gevierd. Er wordt speciaal (zoet) eten bereid en gezongen. Dit gebruik hangt nauw samen met het spreekwoordelijke Arabische ‘zoet eten en zoet denken’. Het consumeren van zoetigheid staat voor moslims symbool voor de positieve manier van denken over de profeet. Veel gelovigen gaan ’s avonds naar de moskee. Daar wordt dan gesproken over de profeet, over het islamitische geloof en er wordt uit de Koran gelezen.

Turken noemen deze dag waarop Mohammed werd geboren Mevlid Kandili. Mevlid betekent ‘geboorte’, Kandili ‘kandelaar’. Dit laatste woord verwijst naar het Turkse gebruik om op bijzondere feestdagen ’s avonds in de moskee alle lichten aan te steken. Turken eten op ‘de Verlichte Nacht van de Geboorte’ vaak een kom griesmeel met boter en honing. Dit was volgens de overlevering het lievelingsgerecht van Mohammed.

Navaratri (Tweede Periode)

Na Pitra Paksj begint nu de Navaratri (tweede periode): negen dagen durende festiviteiten die afgesloten worden met Vijay-dashmi. Navaratri is een feest van dans en aanbidding.

Letterlijk betekent Navaratri 9 nachten. Op een van deze 9 dagen houdt de vrome hindoe – veelal in huiselijke kring – een offerdienst, waarbij de negen manifestaties (verschijningsvormen) van de vrouw van Shiva worden vereerd.

 

Divali Celebrations

20 Oktober 2019 – ZIMIHC-Theater Stefanus – 12.00 – 18.00 uur.

Met Divali vieren we de overwinning van het goede over het kwade, overwinning van het licht over de duisternis, overwinning van de gelukzaligheid over de onwetendheid.

Sjemini Atseret (Slotfeest)

Dit feest sluit het Loofhuttenfeest (Soekot) af. Men bidt om regen in de hoop op een vruchtbaar jaar. Letterlijk betekent het: ‘de achtste dag van het samenkomen’. Op zich is zeven dagen al genoeg, maar het is voor God moeilijk om afscheid te nemen, daarom blijven de joden nog een dagje. De tijd die men hiermee kreeg wordt van oudsher gebruikt om te bidden voor extra regen zodat straks alles zal gaan groeien en bloeien.

Simchat Thora (Vreugde der Wet)

Simchat Thora is een vrolijke viering waarbij gedankt wordt voor de Thora (de Wetten), de eerste vijf boeken van de joodse bijbel.

In de synagoge leest men eerst het laatste hoofdstuk van de Thora en daarna gaat men meteen verder met het eerste hoofdstuk. Dit geeft aan dat het lezen uit de Thora nooit stopt. Degene die het laatste hoofdstuk leest, wordt Bruidegom van de Wet (Chatan Thora) genoemd en degene die het eerste hoofdstuk leest, heet Bruidegom van het Begin (Chatan Bereesjiet).

Tijdens de dienst worden ommegangen, hakafot, met de Thorarollen gemaakt. Met de Thora op de arm gaat men dan al dansend door de synagoge. Ook kinderen doen hieraan mee. De allerkleinsten worden door hun vader op de schouders gedragen.

Soekot (Loofhuttenfeest)

Veel van de Joodse gedenkdagen herinneren aan de gebeurtenissen die in het oude testament staan (het eerste deel van de christelijke bijbel). Met Soekot wordt herdacht dat het Joodse volk 40 jaar door de woestijn moest zwerven. Zij leefden toen in hutten gemaakt van palmbladeren. Het loofhuttenfeest is het begin van een 7 dagen durende periode, waarin bij veel Joodse gezinnen in hun tuin of in hun woning een hut wordt nagebouwd. Gedurende deze dagen wonen zij hierin, gebruiken er de maaltijden en luisteren naar de verhalen over de tocht van de joden door de woestijn.

Het feest begint op de 15e van de maand Tisjri uit de joodse kalender. Doordat dit een maankalender is, vallen feestdagen zoals Soekot niet steeds op dezelfde data van de Gregoriaanse kalender. De twee dagen die volgen op Soekot zijn ook feestdagen, namelijk Sjemini Atseret en Simchat Torah. Vaak rekenen mensen deze dagen ook tot het Soekotfeest.

Soekot is een vreugdevol feest; het gedenkt de periode in de woestijn die lag tussen de uittocht uit Egypte (die met Pesach wordt gevierd) en de intocht in het beloofde land.