Feest in de Geertekerk – UPLR viert tienjarig bestaan

Gemeentelijke onderscheiding voor Arie Nico Verheul

Op zaterdag 18 september vierde het UPLR onder veel belangstelling zijn 10-jarig bestaan in de Geertekerk. Tijdens de viering ontving mede-initiatiefnemer (met vertegenwoordigers van de Utrechtse Stedelijke Raad van Kerken) en bestuurslid van het eerste uur Arie Nico Verheul uit handen van locoburgemeester Linda Voortman de Speld van de Stad Utrecht. Hij kreeg deze onderscheiding voor zijn jarenlange inzet voor de verbinding van mensen met verschillende religies en levensbeschouwingen in de stad Utrecht, met name ook voor zijn inzet voor het Utrechts Platform voor Levensbeschouwing en Religie. Daarnaast is hij, als voorzitter van het stichtingsbestuur, actief voor buurtcentrum De Dame in de wijk Zuilen. Linda Voortman ontving die middag het eerste exemplaar van het boekje “UPLR 10 JAAR BOUWEN AAN VERTROUWEN” (klik op de titel voor een korte video-impressie) uit handen van voorzitter Abderachman Chrifi, voorzitter UPLR en auteur/samensteller Arie Nico Verheul.

Pitra Paksj (Herdenkingsfeest)

Periode van twee weken in de donkere (Krisjna Paksja) helft van de maand Asvina waarin de overleden ouders en familieleden (pitries) herdacht worden. Er worden diensten en ceremonies gehouden, waarbij de dodenoffers (straaha’s) centraal staan.

Hindoes hebben verplichtingen ten opzichte van de ouders en voorouders, de Pitri-rina. De schuld aan de ouders lost men af door hen in hun oude dag te voorzien en hen te eren tijdens erediensten, poedja’s. Een restschuld lost men af met Pitri Poedja. De voorouders krijgen voedsel en bloemen als offergaven en er worden mantra’s opgezegd. De voorouders zullen dan in het komende jaar instaan voor het welzijn van hun nakomelingen.

De offerplechtigheden worden sjhraadh genoemd, wat zoveel wil zeggen als ‘eerbied’. De religieuze voorschriften luiden dat de oudste zoon de offerplicht uitvoert. Daarom is het belangrijk voor hindoes om een zoon te hebben. De zoon wordt vaak door een pandit bijgestaan.

Soekot (Loofhuttenfeest)

Veel van de Joodse gedenkdagen herinneren aan de gebeurtenissen die in het oude testament staan (het eerste deel van de christelijke bijbel). Met Soekot wordt herdacht dat het Joodse volk 40 jaar door de woestijn moest zwerven. Zij leefden toen in hutten gemaakt van palmbladeren. Het loofhuttenfeest is het begin van een 7 dagen durende periode, waarin bij veel Joodse gezinnen in hun tuin of in hun woning een hut wordt nagebouwd. Gedurende deze dagen wonen zij hierin, gebruiken er de maaltijden en luisteren naar de verhalen over de tocht van de joden door de woestijn.

Het feest begint op de 15e van de maand Tisjri uit de joodse kalender. Doordat dit een maankalender is, vallen feestdagen zoals Soekot niet steeds op dezelfde data van de Gregoriaanse kalender. De twee dagen die volgen op Soekot zijn ook feestdagen, namelijk Sjemini Atseret en Simchat Torah. Vaak rekenen mensen deze dagen ook tot het Soekotfeest.

Soekot is een vreugdevol feest; het gedenkt de periode in de woestijn die lag tussen de uittocht uit Egypte (die met Pesach wordt gevierd) en de intocht in het beloofde land.